Menu

We herinneren ons de late namiddagen
aan de oever van de rivier op het zachte mos
in de schaduw van bomen, een zon die traag zinkt.
We zwaaien naar de overkant en roepen
groeten vol echo. Wenken een groepje bekenden
dat langs vaart: Kom, leg aan, eet en drink met ons mee!

Syrië was een gewoon land, met veel gewone mensen
die dagelijkse dingen deden; met elkaar werkten, aten, sliepen.
Elkaar niet naar het leven stonden, de krant lazen, een hand gaven.

Toen werden onze markten een doelwit en woonwijken loopgraven,
verstomden de echo’s tot macabere stilte (wàt we ook riepen).
Bij onze buren vond hun jongen van veertien de dood.

Er werd met vreemde vlaggen gezwaaid en haat gezaaid
overal wapens, bloed, steeds vaker dezelfde vragen:
Wat als ik blijf? Wat als ik ga? Wie gaat er mee?
Wat goed was zal tot uit een album gescheurde foto vervagen.
Onze arm houdt dat album stevig vast, dichtbij ons hart,
want zo herinneren wij ons de late namiddagen.

Leave a comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.